1593


Tandem fit surculus arbor
Lofdicht op Maurits’ inname van Geertruidenberg

Uit: Beeldig Geertruidenberg : een stad in de kaart gekeken / door Arjan van Loon, Martin Robben en Bas Zijlmans ; m.m.v. Piet van Loon en Ton van de Hulsbeek. – Geertuidenberg : Oudheidkundige Kring ‘Geertruydenberghe’, cop. 1999, p. 44-45.

door Adriaen van Conflans

Hoewel den Oranige-Boom loflyck en constant
is geworpen ter neder, door Tirans hand;
zoo en ist nochtans daar by niet gebleven:
want zyn fame, lof-baer sal over berch en land
geven haar geluyd, soo lang Menschen sullen leven
geen soo valliand, die zyn faem hebben verdreven;
uyt tgeachte doodt siet men spruyten minioot,
excelent verheven, en wassen groot.

De almachtige Godt, door zyn groote Cracht,
heeft met cleyne middelen groote dingen gewracht:
op dat zynen Naam alleen worde gepresen.
den Orange-Boom Jong; sterckende door syn macht,
wederstaet den Tirand zyn voornemen mits desen.
Godt vernederd de hooge; en de cleyne (zoo wy lesen)
verheft hy: d’welck in hem maact een verwondernis:
tis den Heere licht te helpen den cleynen, dats gewis.

Ghy herder Israels, die altyt waackt,
behoet het werck, dat ghy heer hebt gemaackt;
wild met eendrachtycheid by wonen uwe Staten,
die ghy tot vaders gestelt hebt ongelaackt,
als voochden, en voester-Heeren der ondersaten:
Presideerd ind midden van haar, tland ter baten;
dat door haar Eendrachd, en Lieflyck accord,
t’ Cleyne wasse, en brenghe vruchten boven maten voord.