Carlos, Don

Valladolid, 18 juli 1545 – Madrid, 24 juli 1568

Spaanse kroonprins, zoon van Filips II en Isabella van Portugal

Biografie

De Zwarte Legende rond Filips II bereikt een hoogtepunt als er geschreven kan worden over de moord van de koning op zijn eigen zoon, Don Carlos. Vader laat hem in zijn kamer opsluiten – de deur werd dichtgespijkerd – en zijn wapens en papieren innemen. Don Carlos zou zich toen hebben willen doodhongeren. Op 22 juli maakte hij zijn testament op, dat overigens is vernietigd, en in de nacht van 23 op 24 juli 1568 om 01.00 uur stierf de prins, kort voor zijn drieëntwintigste verjaardag. Hij werd bijgezet in de kerk van Santo Domingo in Madrid, todat het lichaam in 1573 werd verplaatst naar het Escoriaal.

Don Carlos heeft ongetwijfeld een moeilijke jeugd gekend. Zijn zeer jonge moeder stierf in het kraambed bij zijn geboorte en Don Carlos kwam in handen van de Portugese Leonora de Mascareñas, die nog met Isabella van Portugal was meegekomen naar Spanje. Tussen 1548 en 1552 verbleef Don Carlos echter bij zijn tante Johanna in Toro. In dat jaar huwde Johanna en kwam Don Carlos in handen van Antonio de Rojas in Madrid. Na García de Toledo als tweede gouverneur gehad te hebben, zou Don Carlos later opnieuw onder de hoede komen van de dan inmiddels weduwe geworden Johanna van Oostenrijk. De prins van Eboli werd toen zijn voornaamste dienaar.

Het noodlot zou Don Carlos echter reeds voor zijn geboorte hebben voorbestemd voor een dramatisch einde. Als kleinzoon van Jan III van Portugal en Catharina van Habsburg, een tante van Filips II, was Don Carlos het gevolg van een huwelijk tussen een volle neef en nicht. Bovendien kwam hij uit een familie waarin reeds eerder waanzin was voorgekomen. Filips II was immers de kleinzoon van Johanna de Waanzinnige. Uit de rapporten van de Venetiaanse ambassadeurs komt een zwak ziekelijk kind naar voren dat veel ziek was en een veel te groot hoofd op zijn schouders meedroeg. Daaraan gekoppeld was het een wrede jongeling, die er genoegen in beleefde hazen en andere dieren levend op het vleesrooster te zien verbranden. Toen hij werd gebeten door een slang beet hij het beest de kop af.

Als oudste zoon van Filips II was hij al jong betrokken bij allerlei plannen om hem uit te huwelijken. Zo speelde men in 1559 tijdens de vredesbesprekingen tussen Filips II en Frankrijk met de gedachte de jonge prins te laten trouwen met Isabella van Valois. Uiteindelijk zou Filips deze prinses zelf tot bruid nemen. De romantici vinden hier reeds een eerste aanzet voor de latere haat tussen vader en zoon. In 1563 zou de vergadering van Castiliaanse steden, de Cortes, voorstellen om Don Carlos te laten trouwen met zijn tante Johanna, dezelfde die hem lange tijd had opgevoed. Hier werd verder geen gevolg aan gegeven. Een volgende kandidaat was Anna van Habsburg, een kleindochter van Ferdinand van Oostenrijk.

Los van de moeilijke jeugd, het slechte karakter, de erfelijke waanzin en de mogelijke jaloezie, lijkt er nog een andere belangrijke achtergrond te vinden voor het latere drama. Koning en kroonprins scheelden slechts weinig in leeftijd. Filips was tenslotte pas achttien jaar oud geweest in het jaar van de geboorte van Don Carlos, en al vroeg lijkt de prins zich ontwikkeld te hebben tot een rivaal van zijn eigen vader. In hoeverre dit door Don Carlos zelf werd gestuurd blijft onduidelijk. Zo zou de prins reeds op zestienjarige leeftijd zelf geprobeerd hebben een huwelijk met koningin Maria Stuart van Schotland te sluiten.

Een zeer belangrijke rol speelde daarbij de fascinatie van de prins voor de Nederlanden. Filips II had in 1559 bij zijn afscheidsrede de Nederlandse Statenvergadering beloofd zijn zoon Don Carlos naar de Nederlanden te sturen en het lijkt erop dat deze zijn taak serieus nam. Toen Filips II in 1566 plannen maakte om naar de Nederlanden af te reizen om de beeldenstormers de les te leren, stond de jonge prins alweer startklaar om mee te gaan. Hij moest en zou de Nederlanden zien. Wanneer duidelijk wordt dat de hertog van Alva naar de Nederlanden zal gaan is Don Carlos zeer teleurgesteld. Volgens sommige historici, waaronder Cabrera de Córdoba, zou de prins zo ver gegaan zijn om direct contacten te onderhouden met de opstandige edelen. Latere historici geloven niet meer in het bestaan van deze contacten. Het bondgenootschap tussen de prins en de rebellen lijkt eerder pas na diens dood tot stand gekomen en dan alleen in de gedachten. Als medeslachtoffer van Filips II was zelfs de dode prins een goede bondgenoot voor de opstandelingen. Ook Antonio Pérez schreef veel over de zaak rond Don Carlos, waardoor het historische beeld van Don Carlos sterk vertekend is.

Schiller vervormde het historische beeld nog verder in zijn drama Don Carlos . Vermoedelijk geïnspireerd door de mogelijkheid van het huwelijk met zijn latere stiefmoeder Isabella van Valois, zag de schrijver hier een fatale liefde tussen Don Carlos en zijn jonge stiefmoeder. De jonge Carlos is een held vol ‘Sturm und Drang’, terwijl Filips II en Alva zeer negatief werden uitgebeeld. Schiller gebruikte voor zijn toneelstuk de novelle ‘Histoire de Dom Carlos, fils de Philippe II’ van de Abbé de St. Réal. Vermoedelijk heeft hij ook het ‘Portrait de Philippe II, roi d’Espagne’ (Amsterdam, 1875) van Louis Sebastian Mercier ingezien. Het gebruik van andere historische bronnen is mogelijk, maar niet aanwijsbaar.

Raymond Fagel

Literatuur

Diccionario de Historia de España (Madrid, 1952) I, 567-571

Don Carlos y Felipe II / Louis Prospére Gachard ; trad., exordium, tablas cronológicas, ed. bibliogr. y cuadros genealógicos A. Escarpizo. – [Madrid] : Atlas, 2007. – 477 p. : ill. ; 24 cm. Vert. van: Don Charles et Philippe II.

Dom Carlos : nouvelle historique / César Vichard de Saint-Réal ; éd. présentée, établi et annot. par Laurence Plazenet. – Paris : Librairie Générale Française, 2004. – 18 cm. – (Classiques de poche ; 19318). Oorspr. uitg.: Amsterdam : Gaspar Commelin, 1672. ISBN 978-2-253-19318-0 pbk

El infante de la noche / Pedro Casals. – 1a ed. – Barcelona : Planeta, 1992. – 244 p. ; 21 cm. – (Colección autores españoles e hispanoamericanos) ISBN 84-08-00092-6 geb.

Don Carlos : Infant von Spanien 1545-1568 / Cesare Giardini ; mite einem nachw. von Rüdiger vom Bruch. – 2., erw. Aufl. – München : Callwey, 1986. – 290 p. : ill. ; 23 cm. 1e dr.: 1936. – Reg.: p. 285-289. ISBN 3-7667-0793-0

Don Carlos y Felipe II / Louis Prospére Gachard ; traducción, exordium, tablas cronológicas, ediciónes bibliográficas y cuadros genealógicos A. Escarpizo. – San Lorenzo de El Escorial : Swan, 1984. – 452 p. : ill. ; 24 cm. – (Torre de la Botica ; 3). Vert. van: Don Charles et Philippe II. – Auteursnaam op omslag: Prospére Gachard. ISBN 84-85595-22-X

Friedrich Schiller : Don Carlos : Interpretationen und Anregungen zur Unterrichtsgestaltung / [von] Ingeborg Scholz. – Hollfeld (Ofr.) : Beyer, 1982. – 96 p. ; 18 cm. – (Analysen und Reflexionen ; Bd. 46) ISBN 3-921202-90-6

Don Carlos, l’héritier de Jeanne la Folle / Ghislaine de Boom. – Bruxelles : Office de Publicité, 1955. – 131 p. : ill. ; 8 º . – (Collections Lebégue et Nationale ; 116). Met lit.opg.

Geschichte des Don Carlos / Leopold von Ranke. – Bern : Hans Huber, 1949. – 90 p. ; 21 cm

Ysabeau d’Autriche et Don Carlos / Ghislaine de Boom. – Bruxelles : Dessart, 1946. – 299 p. ; 19 cm. Titel op omslag: Destin tragique des Habsbourg. – Met lit. opg.

Don Carlos / Cesare Giardini. – München : Callwey, 1936. – 246 p. : ill. ; 22 cm

Don Carlos, 1545-1568 / Cesare Giardini ; avec huit gravures hors texte. – Paris : Payot, 1934. – 253 p. : ill., portr. ; 23 cm. – (Bibliothèque historique). Vertaling van Il trágico destino di Don Carlos (Milaan, 1933).

Don Carlos : kritische Untersuchungen / von F. Rachfahl. – Freiburg i.B. : Julius Boltze, 1921. – IV, 168 p. ; 24 cm

Historisch-biographische Studien / Leopold von Ranke. – [Anastatischer Neudruck]. – Leipzig : Duncker und Humblot, [1900]. – XII, 544 p. ; 22 cm. – (Ranke’s Werke ; 40) Herdr. van de uitg. 1877.

Don Carlos’ Haft und Tod : insbesondere nach den Auffassungen seiner Familie / von Max Büdinger. – Wien [etc.] : Braumüller, 1891. – VI, 317 p. : portr. ; 24 cm . Met lit. opg., reg.

Don Carlos et Philippe II / Cte Charles de Moüy. – 3e éd. – Paris : Librairie Académique Didier, 1888. – XXIV, 368 p. ; 19 cm

Don Carlos / von Wilhelm Maurenbrecher. – Berlin : Charisius, 1869. – 32 p. ; 22 cm. – (Sammlung gemeinverständlicher Wissenschaftlicher Vorträge ; 4. Serie, H. 90) Vortrag, Gehalten in Dorpat am 11. März 1868.

Don Carlos et Philippe II / par Gachard. – 2e éd., revue et corrigée. – Paris : Lévy, 1867. – XII, 503 p. : portr. ; 23 cm . Oorspr. uitg.: Bruxelles [etc.] : Muquardt [etc.], 1863. – 2 dl.

Don Carlos et Philippe II / par Gachard. – Bruxelles [etc.] : Muquardt ; Paris : Durand ; La Haye : Nijhoff ; Madrid : Bailly-Baillière, 1863. – 2 dl. (XXII, 736 p.). : ill. ; 22 cm. – (Publications de la Commission Royale d’Histoire. Série in octavo)

Don Carlos et Philippe II / Charles de Moüy. – Paris : Didier, 1863. – xiii, 336 p. ; 19 cm

Don Carlos, Prins van Spanje : een onderzoek naar de oorzaak van deszelfs gevangenneming en dood / door J. P. Arend. – Deventer : A.J. van den Sigtenhorst, 1828. – 79 p. ; 24 cm.

Dom Carlos : nouvelle historique / [Par César Vichard de Saint Réal]. – Jouxte la copie imprimée à Amsterdam : chez Gaspar Commelin, 1673. – Vele heruitgaven.

Van Schiller, Don Carlos , bestaan vele uitgaven.